Keuken
  1. Nooit een braadpan of een frietketel onbewaakt achterlaten
    Wanneer een frietketel vuur vat, onmiddellijk de gastoevoer afsnijden of de stroom uitschakelen en vervolgens de ketel afdekken met een deksel of een vochtige doek (dweil).
    Verplaats nooit een brandende frietketel. Gooi nooit water op een brandende pan of frietketel.
  2. Dampkappen vangen alle vettige bestanddelen op van voedingswaren. Regelmatig reinigen of vervangen van de filter is noodzakelijk.
  3. Kledingsstukken vatten gemakkelijk vuur, vooral wanneer ze loshangen. Als uw kleren vuur vatten, ga dan vooral niet lopen maar ga op de grond liggen en wentel u om.
Gas
  1. Een gasbrand wordt niet geblust, maar men stelt er een einde aan door de toevoerkraan van het gas dicht te draaien.
  2. Bij een gaslek de toevoerkraan sluiten en verluchten.
  3. Propaan en butaan zijn zwaarder dan lucht. Elk lek vormt een gaswolk die zich op het laagste punt zal verzamelen en die een explosie kan veroorzaken.
Elektriciteit
  1. Als u een vertrek verlaat of u telefoneert schakel dan elektrische toestellen zoals strijkijzers uit.
  2. Van de verplaatsbare verwarmingstoestellen zijn de toestellen met blootliggende weerstanden het meest gevaarlijk.
  3. Wanneer uw televisietoestel begint te roken, trek dan onmiddellijk de stekker uit. Plaats uw toestel liefst niet in een kast (gevaar voor oververhitting).
Kelder en zolder
  1. Nooit licht ontvlambare voorwerpen plaatsen in de nabijheid van verwarmingstoestellen of gasmeters.
  2. Wees voorzichtig met elektrische lampen die te dicht bij kisten, kartonnen dozen of stoffen hangen.
  3. Zolders en kelders dienen zeer dikwijls als rommelplaatsen. Vergeet niet dat brand gemakkelijk en op verschillende manieren ontstaat.
Algemeen
  1. Laat kleine kinderen nooit alleen thuis.
  2. Geen hete assen ledigen in vuilnisbakken of –emmers
  3. Rook nooit in bed.